De Savanne Olifant

Savanneolifant/Afrikaanse olifant
(Loxodonta africana)

Hoogte: 2,8 meter (vrouwtje) 3,3 meter (mannetje)
Gewicht: 3,7 ton (vrouwtje) 5,5 ton (mannetje)
Verspreiding: Vroeger door heel Afrika, nu uitgestorven in het noorden en schaars aanwezig in de rest van het continent.
Dieet: Verschillende grassen, planten en bomen. Sommige groepen eten ook waterplanten.
Bedreigd? Ja

LS22 African elephant dark bg 1500px wmls22

De olifant

Bij Afrikaanse olifanten, in tegenstelling tot de Aziatische, krijgen zowel de mannetjes als de vrouwtjes slagtanden. Voor allebei kunnen ze even lang worden, die van de mannetjes zijn alleen wat dikker. Men zegt wel dat je aan de lengte van de slagtanden van een olifant kunt zien hoe oud hij is, omdat ze zijn hele leven lang blijven groeien. Vroeger hadden oude olifanten slagtanden van 2 of zelfs 3 meter, maar nu lopen steeds meer olifanten van alle leeftijden rond met hele kleine slagtanden. Ook grote, oude olifantstieren kunnen alleen maar korte knobbeltjes hebben, of zelfs helemaal geen slagtanden. Deze afname in grootte komt door stropers. Zij hebben honderden jaren lang olifanten met grote slagtanden doodgemaakt en doen dat nu nog steeds. Elk jaar worden 30.000 tot 40.000 olifanten in Afrika door stropers gedood. Alleen de olifanten met hele korte slagtanden slaan ze over. Omdat de lengte van slagtanden een aangeboren eigenschap is die door wordt gegeven aan het nageslacht, worden er dus ook steeds meer olifanten geboren met kleine, of zelfs helemaal geen slagtanden.

Tuskers

Soms wordt er een mannetjesolifant geboren die extra lange slagtanden krijgt en enorm groot wordt. De olifant op de tekening is er zo eentje. In het Engels hebben ze een heel mooi woord voor die olifanten: ‘tuskers’, naar het Engelse woord voor slagtand, ‘tusk’. Een olifant is officieel een tusker als zijn slagtanden elk meer dan 45 kilogram wegen, en er waren mannetjes die zo’n 130 kilo aan ivoor meetorsten. In het wereldberoemde Krugerpark van Zuid-Afrika woonden vroeger zeven enorme tuskers, zij werden samen de Magnificent Seven (de Magnifieke Zeven) genoemd. Eén van de mannetje, Mafunyane, had slagtanden zo lang dat ze constant over de grond schraapten, waardoor de uiteinden tot punten waren geslepen. Door stropers zijn de tuskers heel erg zeldzaam geworden, er zijn er waarschijnlijk niet meer dan 40 over op de hele wereld.

Satao

Satao was een van de grootste tuskers. Zijn thuis waren de uitgestrekte savannes van nationaal park Tsavo East in het zuiden van Kenia. Hij was enorm. Zijn slagtanden waren zo groot dat zelfs doorgewinterde olifantenbiologen naar lucht moesten happen als ze hem zagen. Satao had geleerd dat mensen gevaarlijk waren, dat stropers de dood betekenden en was daarom bijna ongrijpbaar. Stropers wachten olifanten vaak op bij drinkpoelen, omdat ze weten dat olifanten water nodig hebben. Satao wist dat zij dat wisten. Hij zorgde ervoor dat zijn gedrag onvoorspelbaar was, hij zou een paar keer naar een bepaalde poel komen, dan plots ergens anders opduiken, en dan een paar maanden verdwijnen. Dat hield hem in leven. Mark Deeble, een fotograaf, was een van de weinigen die Satao in levende lijve heeft gezien. Ook hij wachtte de enorme stier op bij een waterplas – weken heeft hij daar gezeten tot Satao eindelijk opdook. Toen Satao naar het water liep viel Mark iets op: in plaats van recht erop af te lopen zigzagde Satao bijna een kilometer lang, telkens zijn slurf in de lucht gooiend om te ruiken of er stropers waren, voordat hij alleen zijn hoofd in een bosje stopte. Mark snapte maar niet waarom de olifant zich zo slecht verschool – tot het tot hem door drong dat Satao niet zichzelf, maar zijn slagtanden wou verstoppen. Het was enorm slim van Satao dat hij snapte dat zijn slagtanden hem in gevaar konden brengen, maar ook verschrikkelijk verdrietig.

Giftige pijlen

Jarenlang heeft Satao zich veilig weten te houden, maar in februari dit jaar werd hij gezien met 2 giftige pijlen in zijn zij. Hij was door stropers beschoten. Rangers en de dierenarts van Tsavo waren er snel bij om te zien hoe hij eraan toe was. Een olifant zo groot als Satao onder narcose brengen is heel gevaarlijk; hij kan het makkelijk te warm krijgen en door zijn grote slagtanden is het moeilijk om later weer overeind te komen. Ondanks de twee pijlen zag de grote olifant er echter prima uit, en de beslissing werd genomen om hem zelf beter te laten worden. Het was een goede beslissing, want Satao overleefde zijn aanvaring met de stropers op eigen kracht.

En toch geen happy end….

Drie maanden later, in mei dit jaar, en Satao’s geluk was op. Parkrangers vonden zijn lichaam, de iconische slagtanden al lang weggehakt, met alleen nog maar zijn oren om te bewijzen dat het inderdaad Satao, de grote tusker was die hier zijn laatste adem had uitgeblazen. Het wordt wel gezegd dat het behoud van de laatste tuskers zo belangrijk is omdat zij als enige nog de genen voor reusachtige slagtanden bezitten, en zij alleen kunnen voorkomen dat alle olifanten in Afrika straks helemaal zonder moeten. In zijn vijftig jaar heeft Satao een heleboel zonen en dochters gekregen. Hopelijk hebben sommige van hen de slagtanden van hun vader, hopelijk zullen enkele van zijn zonen over 20 jaar uitgegroeid zijn tot de nieuwe tuskers van Tsavo, en hopelijk is de wereld tegen die tijd een veiligere plek geworden voor olifanten.